Wat is een decibel eigenlijk?

Een decibel (dB) is geen gewone maat zoals een meter of een kilo. Het is een verhoudingsgetal op een logaritmische schaal, die de geluidsdruk vergelijkt met de gehoordrempel: het zachtste geluid dat een gezond oor net kan waarnemen. Die drempel is 0 dB. De schaal is zo opgezet omdat het menselijk gehoor een enorm bereik overbrugt, van net hoorbaar tot pijnlijk luid, en een rechte schaal daar onwerkbaar grote getallen voor zou opleveren.

Dat heeft een gevolg dat vaak wordt onderschat: je kunt decibellen niet bij elkaar optellen zoals je centimeters optelt. Twee bronnen die allebei 60 dB produceren, geven samen geen 120 dB maar 63 dB.

Decibeltabel: hoe luid is hoeveel dB(A)?

De lijst hieronder geeft de ordegrootte van alledaagse geluiden. Gebruik hem om een getal een gevoel te geven, niet als meetwaarde: wat je meet hangt sterk af van de afstand tot de bron en van de ruimte waarin je staat.

  • 0 dB(A): de gehoordrempel, het zachtste geluid dat een gezond oor net kan waarnemen.
  • 20 dB(A): ritselende bladeren, of een tikkende klok in een stille kamer.
  • 30 dB(A): fluisteren op ongeveer een meter afstand, of een stille slaapkamer 's nachts.
  • 40 dB(A): een zoemende koelkast. Dit is ook de wettelijke grenswaarde voor de buitenunit van een warmtepomp of airco, op de perceelsgrens met een aangrenzend perceel met een woonfunctie.
  • 50 dB(A): regen tegen het raam, of een rustig kantoor met wat achtergrondgeluid.
  • 60 dB(A): een normaal gesprek op ongeveer een meter afstand.
  • 70 dB(A): een stofzuiger, of een drukke stadsstraat vanaf de stoep.
  • 80 dB(A): een vrachtwagen die op een paar meter voorbijrijdt, of een blender in de keuken.
  • 90 dB(A): een grasmaaier of een passerende motor.
  • 100 dB(A): een kettingzaag, of de dansvloer van een club.
  • 110 tot 120 dB(A): een rockconcert vlak bij de speakers, of een sirene op korte afstand. Rond 120 tot 130 dB(A) ligt de pijngrens.

Afstand doet veel. Bij een puntbron in de open lucht neemt het niveau met ongeveer 6 dB af zodra je de afstand verdubbelt. Een bron die op 1 meter 80 dB(A) geeft, zit op 2 meter rond de 74 dB(A) en op 4 meter rond de 68 dB(A). Daarom hoort bij elke serieuze meting een vast meetpunt: een getal zonder afstand zegt weinig.

Waarom 3 dB erbij veel meer is dan het lijkt

Hier zit de meeste verwarring. Omdat de schaal logaritmisch is, staat een klein verschil in decibellen voor een groot verschil in geluid. Drie vuistregels helpen je de getallen te lezen.

  • 3 dB erbij is een verdubbeling van de geluidsenergie. Twee identieke bronnen samen geven 3 dB meer dan een enkele.
  • 10 dB erbij ervaren mensen ongeveer als twee keer zo luid. Van 60 naar 70 dB(A) klinkt dus als een verdubbeling van het volume.
  • 3 dB eraf betekent dat de helft van de geluidsenergie is weggenomen. Toch hoor je dat maar als een net merkbaar verschil: rond de 3 dB ligt de drempel waarop mensen een verandering überhaupt opmerken. Dat is precies waarom een maatregel die op papier indrukwekkend klinkt in de praktijk kan tegenvallen.

Zegt iemand dat een installatie 'maar 4 dB' boven de norm zit, dan is dat dus geen detail. Er komt meer dan twee keer zoveel geluidsenergie de woning binnen als bij de grenswaarde is toegestaan.

Twijfel je of een meting in jouw situatie zin heeft? Plan een gratis adviesgesprek of bel direct +31 (0)20 808 70 90.

Waarom dB(A) en niet gewoon dB?

Bijna elk getal in een geluidsrapport staat als dB(A), niet als kale dB. De A staat voor de A-weging: een filter dat de meting corrigeert voor de manier waarop het menselijk oor frequenties hoort. Je oor is het gevoeligst voor middentonen, ruwweg tussen 2.000 en 5.000 Hz, en veel minder gevoelig voor lage tonen. De A-weging trekt lage frequenties daarom zwaar af.

Zonder die correctie zou een meter een diep brommende motor veel hoger scoren dan iemand die er vlakbij staat te praten, terwijl het gesprek voor je oor luider is. De A-weging maakt de meetwaarde vergelijkbaar met wat je werkelijk ervaart, en daarom rekenen vrijwel alle normen en grenswaarden ermee.

De blinde vlek van dB(A): laagfrequent geluid

Precies die A-weging heeft een keerzijde. Omdat lage frequenties zwaar worden afgetrokken, kan een geluid met veel energie onder de 100 Hz een laag dB(A)-getal opleveren en toch slopend zijn om mee te leven. Een brommende warmtepomp, een ventilatie-installatie of techniek elders in het gebouw geeft vaak dat patroon: je meet 30 dB(A) in de slaapkamer en ligt toch wakker. Dat komt doordat je zo'n toon deels voelt in plaats van hoort, en doordat hij constant doorgaat.

Bij dit soort klachten is een enkele dB(A)-waarde niet het juiste instrument. Er is een frequentieanalyse nodig om te zien waar de energie zit. Hoe dat werkt en wanneer het speelt, lees je op onze pagina over laagfrequent geluid.

Hoeveel decibel mag burenlawaai zijn?

Voor geluid dat buren zelf maken, legt de wet geen decibelgrens vast. Artikel 5:37 van het Burgerlijk Wetboek verbiedt onrechtmatige hinder, maar noemt geen getal: onder meer de aard, de ernst en de duur van de hinder en de omstandigheden, zoals het tijdstip, bepalen het oordeel. Harde getallen gelden wel voor de geluidsisolatie tussen woningen en voor installaties. Zo mag de buitenunit van een warmtepomp of airco op de perceelsgrens met een aangrenzend perceel met een woonfunctie maximaal 40 dB(A) veroorzaken.

Die grens staat in artikel 4.107 lid 2 van het Besluit bouwwerken leefomgeving. Bij woningen op hetzelfde perceel, zoals appartementen, geldt dezelfde 40 dB(A), maar dan gemeten bij een te openen raam of deur van de andere woning (artikel 4.108 lid 3). Bij een hoorbare bromtoon telt de bepalingsmethode er een correctie van 0 tot 6 dB bij op, afhankelijk van hoe sterk de toon is. Wat daarbij komt kijken, staat op onze pagina over de geluidsmeting van een warmtepomp.

Ook voor de geluidsisolatie tussen twee woningen stelt het Besluit bouwwerken leefomgeving (BBL) minimumeisen. Bij nieuwbouw moet de luchtgeluidisolatie naar een woon- of slaapruimte van de buren minimaal 52 dB zijn en mag het contactgeluid daar maximaal 54 dB zijn. Voor bestaande woningen stelt het BBL geen minimumeis. Bij een verbouwing mag de isolatie niet slechter worden dan hij was: dan geldt het rechtens verkregen niveau (artikel 5.5 BBL).

Die waarden worden bepaald volgens NEN 5077 en staan niet op de schaal van de decibeltabel hierboven. Luchtgeluidisolatie is een verschil tussen twee ruimten, en contactgeluid wordt gemeten met een hamermachine als vaste geluidsbron. Een isolatiewaarde en het geluidniveau in je kamer zijn dus niet met elkaar te vergelijken.

Wil je weten hoe de scheiding met je buren scoort ten opzichte van die eisen, of hoeveel geluid er echt doorkomt? Dan is een meting de volgende stap. Lees hoe je geluidsoverlast van de buren laat meten en wat het rapport je oplevert.

Decibel meten met je telefoon: wat een app wel en niet kan

Zoek je de beste gratis decibelmeter-app, voor Android of iPhone? Voor een geluidsmeting met een app maakt die keuze minder uit dan je denkt. Geen enkele app levert bewijs, en voor een indicatie telt vooral hoe je hem gebruikt. Dit kan een app wel:

  • Een ruwe indicatie geven. Met de decibeltabel hierboven zie je of een geluid eerder bij een koelkast of bij een gesprek hoort.
  • Een trend laten zien. Meet steeds op dezelfde plek, met dezelfde telefoon en dezelfde app. Dan zie je of het 's nachts luider is dan overdag, of dat het minder wordt na een afspraak met de buren.
  • Je logboek ondersteunen. Noteer bij elke meting de datum, het tijdstip, de duur en wat je hoort. Zo'n logboek helpt bij elke instantie, ook als de meetwaarde zelf niet telt.

Bewijs leveren kan een app niet. Daar zijn vier redenen voor:

  • Geen ijking. De app kent de kalibratie van jouw toestel niet. Hoe ver de uitkomst afwijkt, verschilt per toestel en per app, en dat kan flink zijn.
  • Een microfoon voor spraak. Een telefoonmicrofoon is gemaakt om stemmen op te vangen, niet om te meten. Vooral lage tonen, zoals de brom van een warmtepomp, vangt hij slecht op.
  • Geen frequentieanalyse. Een app laat niet zien in welke frequenties het geluid zit. Een hoorbare bromtoon stel je er dus niet mee vast, en de toeslag voor een hoorbare toon kun je niet bepalen.
  • Geen voorgeschreven methode. Bij een meting die telt, ligt vast waar de microfoon staat, hoe lang er gemeten wordt en hoe je corrigeert voor achtergrondgeluid. Een telefoon op de vensterbank doet dat niet.

Hoe groot de verschillen zijn, liet onderzoek van het Amerikaanse instituut voor arbeidsveiligheid (NIOSH) in 2014 zien. Van de apps die naast een klasse-1 meter werden getest, bleven er maar een paar binnen 2 dB van de referentie, allemaal iOS-apps. Die test liep bovendien van 65 tot 95 dB, veel luider dan de 30 tot 40 dB(A) waar het bij nachtrust of een warmtepomp om gaat. En ook 2 dB is meer dan het lijkt: 3 dB erbij is al een verdubbeling van de geluidsenergie.

Wat wel telt voor de gemeente, de huurcommissie of de rechter, is een meting met een geijkte klasse-1 meter, op het juiste beoordelingspunt en volgens de voorgeschreven methode. Bij de isolatie tussen woningen is dat NEN 5077, bij een warmtepomp de bepalingsmethode uit de Omgevingsregeling. KGI Groep meet met klasse-1 meters van Svantek.

Close-up van een Svantek 971 klasse-1 geluidsmeter met een zwarte windkap op de microfoon. Het display toont 52,9 dB met het label LApeak.
Een klasse-1 meter van Svantek, zoals KGI Groep die gebruikt. Boven het getal staat wat er gemeten wordt: hier LApeak, de A-gewogen piekwaarde. Een gemiddeld niveau over langere tijd is een andere grootheid, met een ander getal.

Het getal alleen bepaalt niet of iets overlast is

Een decibelwaarde is een van de dimensies van geluid. Of iets als overlast wordt beoordeeld, hangt daarnaast af van vier dingen.

  • Tijdstip. 45 dB(A) om drie uur 's middags is achtergrondgeluid; om drie uur 's nachts houdt het je wakker.
  • Duur. Een boormachine van tien minuten weegt anders dan een installatie die dag en nacht doorloopt. Voor dat laatste is een duurmeting van een week of langer de aangewezen methode.
  • Karakter. Een constante bromtoon of een piepend geluid valt veel eerder op dan breedbandig ruisen op hetzelfde niveau.
  • Soort geluid. Contactgeluid van voetstappen wordt anders beoordeeld dan luchtgeluid van muziek of verkeerslawaai van buiten.

Een decibeltabel is dus het startpunt en niet het eindpunt. Wil je weten welke route je loopt richting je verhuurder, de VvE of de gemeente, lees dan ons artikel over geluidsoverlast van de buren melden. Wil je weten wat er in jouw woning werkelijk doorkomt, dan is een objectieve meting de volgende stap. KGI Groep meet sinds 1994 en leverde ruim 10.000 rapporten op. We verkopen geen isolatiemateriaal en voeren zelf geen werk uit, dus er zit geen belang achter de uitkomst.